650 jaar Provincie Utrecht!

© Bron: Utrechts Archief


In de 14e eeuw waren Bisschoppen machtige heren (je komt maar heel weinig vrouwelijke bisschoppen tegen in de geschiedenis). Niet alleen hadden zij Kerkelijk gezag, zij bestuurden ook grote delen van het land. In het bijzonder de Bisschop van Utrecht was iemand om rekening mee te houden. Hij bestuurde het Sticht, dat zowel het huidige Utrecht als ook Overijssel en delen van Drenthe en Gelderland ('het Oversticht') omvatte. In 1375 was Arnold van Horne bisschop van Utrecht en verwikkeld in financiële problemen door oorlogszucht. Hij zag zich genoodzaakt extra belastingen op te halen bij de edelen en steden van Utrecht. Deze dwongen bij hem af dat hij, in ruil voor extra geld, zijn heerschappij moest delen. Zo mocht hij geen nieuwe belastingen meer heffen zonder de Staten te raadplegen, werden grondrechten vastgelegd, mocht hij geen oorlogen beginnen zonder instemming, werden afspraken gemaakt over rechtspraak ('een ieder wordt recht gedaan') en over benoeming van functionarissen. Dit werd vastgelegd in de Stichtse Landbrief die op 17 mei 1375 werd ondertekend door de Bisschop en de steden Utrecht, Amersfoort, Rhenen, Wijk bij Duurstede en Montfoort. Omdat het document ook bindend was voor de opvolgers van Van Horne wordt het ook wel de eerste grondwet van Utrecht genoemd.
 
Toenmalig VVD-Statenlid Arthur Kocken diende in 2022 een motie in om deze bijzondere historische gebeurtenis in 2025 te herdenken. De provincie Utrecht plaatst die herdenking in het teken van participatie in de democratie, in het bijzonder door jongeren. Wordt hen tegenwoordig voldoende recht gedaan? Hoe kunnen wij hen beter informeren en betrekken? Er is een groots programma opgetuigd, lees er meer over op www.provincie-utrecht650.nl. Met als hoogtepunt de herdenking op 17 mei, met een concert, een heuse processie door de stad, een Middeleeuwse markt en meer interessante activiteiten. Van harte aanbevolen!
 
Ook als VVD-Statenfractie zullen wij in dit bijzondere jaar veel aandacht geven aan de Stichtse Landbrief. Niet alleen door aanwezig te zijn bij de festiviteiten, maar ook door bij alle inhoudelijke onderwerpen te kijken of alle belangen voldoende zijn meegewogen en iedereen gehoord is.